Veteranen zijn ex-militairen die hebben gediend onder oorlogsomstandigheden of daarmee overeenkomende situaties. Veel Nederlanders denken bij het woord veteraan direct aan de Tweede Wereldoorlog, maar sinds die tijd zijn er veel veteranen bijgekomen. Ook de meeste jonge mannen en vrouwen uit recente missies als Irak en Afghanistan verkrijgen na hun dienstverlating de status van veteranen.
Het Veteraneninstituut gaat uit van een totaal van 105.000 veteranen in 2010, waarvan 50.000 afkomstig zijn van internationale vredesoperaties. Vrijwel steeds was sprake van een risicovolle inzet, meestal ook onder zware omstandigheden. Daarom valt het goed te begrijpen dat een deel van deze veteranen kampt met persoonlijke gevolgen. Dat kan lichamelijk zijn, maar zeker ook psychisch.
De omvang van deze groep met persoonlijke gevolgen is meermalen onderzocht. Tien tot vijftien procent heeft last van voorbijgaande klachten direct na de uitzending. Drie tot vijf procent heeft op enig moment last van een posttraumatisch stress-syndroom (PTSS), en één procent heeft te kampen met een permanente PTSS.
Het LZV is er ook voor dienstslachtoffers. Het gaat hier om militairen die in en door de dienst persoonlijke schade hebben opgelopen, zonder dat sprake hoeft te zijn geweest van inzet tijdens een missie of overeenkomende situaties. Nederland kent nog een beduidend aantal dienstslachtoffers uit de tijd van de dienstplicht, waarvoor serieuze aandacht bestaat.
Heel belangrijk voor het LZV is natuurlijk de groep mensen direct om de veteranen en dienstslachtoffers heen, zoals de partners en gezinnen. Zij krijgen vaak ook intensief te maken met de problematiek van de veteraan en worden dan ook betrokken bij de begeleiding en behandeling van het LZV.



